Blog

Wat is energiearmoede?

4/10/2022
Rosan Koops
Leestijd: 5 minuten

Ongeveer 700.000 huishoudens in Nederland leven in energiearmoede: ze kunnen hun rekeningen voor gas en elektriciteit niet of amper nog betalen. In 2019 ging het al om 550.000 huishoudens. Door de torenhoge energieprijzen is het aantal huishoudens dat te maken heeft met energiearmoede gestegen. En dat aantal kan oplopen tot 1,5 miljoen in 2030 als het energieverbruik niet daalt en de elektriciteits- en gasbelasting stijgt. De cijfers tonen het aan: energiearmoede is een urgent en actueel probleem. Het versnellen van de energietransitie kan helpen in het bestrijden van energiearmoede. Maar wat is energiearmoede precies? En in welke gemeenten komt energiearmoede het meest voor? 

De definitie van energiearmoede

Om meteen met de deur in huis te vallen: er bestaat geen algemeen geaccepteerde definitie van energiearmoede. Daarnaast komt energiearmoede in meerdere vormen voor, waardoor het op verschillende manieren te meten is.

Volgens de definitie van onderzoeksbureau TNO is er sprake van energiearmoede ‘als huishoudens over een laag inkomen beschikken in combinatie met hoge energielasten dan wel een woning van energetisch onvoldoende kwaliteit’. Dat laatste betekent dat deze huishoudens meestal wonen in huizen die slecht geïsoleerd zijn.

De meest bekende en meest gebruikte definitie van energiearmoede in Nederland is echter gebaseerd op de energiequote. Hierbij wordt uitgegaan van een (te) hoog aandeel van het besteedbare inkomen dat aan energie wordt uitgegeven. Een vuistregel hierbij is dat een huishouden in energiearmoede leeft als er meer dan 10 procent van het inkomen opgaat aan energie. Volgens TNO leidt het meten van energiearmoede aan de hand van deze definitie makkelijk tot een onderschatting of overschatting van energiearmoede. Als gevolg daarvan kan de definitie van energiearmoede op basis van de energiequote niet alleen worden gebruikt om energiearmoede te definiëren.

Als we de definitie van energiearmoede van TNO als uitgangspunt nemen, blijkt dat energiearme huishoudens in Nederland in 2019 gemiddeld 13-20 procent van hun inkomen uitgaven aan energie, terwijl het gemiddelde voor alle huishoudens op 5 procent ligt. Inmiddels ligt de energierekening zelfs twee tot drie keer hoger dan huishoudens gewend zijn en bestaan de maandelijkse uitgaven voor een groter deel uit energielasten, waardoor er nog meer mensen moeite hebben met het betalen van de energierekening.

Wat is energiearmoede definitie Nederland

Wie leven er in energiearmoede?

Er zijn veel verschillende mensen die in energiearmoede leven. Denk bijvoorbeeld aan ouderen met een minimuminkomen, gescheiden gezinnen of mensen met mentale of lichamelijke problemen. Het zijn vooral de eenpersoonshuishoudens, en dan met name de eenouder gezinnen, die het vaakst te maken krijgen met energiearmoede. Zowel huurders als woningeigenaren kunnen te maken krijgen met energiearmoede, al hebben huurders hier veel meer mee te maken.

De huishoudens met energiearmoede in Nederland kunnen worden opgesplitst in: 

  • huurders die wonen in een corporatiewoning (75 procent);
  • particuliere huurders (13 procent), en;
  • woningeigenaren (11 procent).

Hoe ontstaat energiearmoede?

Door de torenhoge energieprijzen is het aantal huishoudens dat te maken heeft met energiearmoede gestegen. Niet alleen de betaalbaarheid van de energierekening is hierbij een belangrijke factor. Ook de kwaliteit van de woning en de mate waarin bewoners in staat zijn om deze te verduurzamen, spelen een rol bij energiearmoede. Daarom zijn er verschillende vormen van energiearmoede.

Energiearmoede kan ontstaan door:

  1. Problemen met de betaalbaarheid van de energierekening, doordat een (te) hoog aandeel van het inkomen wordt besteed aan energiekosten, of doordat een huishouden structureel een laag inkomen én tegelijkertijd relatief hoge energiekosten heeft, waardoor energie een groter deel uitmaakt van de maandelijkse uitgaven vergeleken met huishoudens met hogere inkomens;
  2. Het hebben van een laag inkomen en wonen in een huis met een lage energiekwaliteit (huizen met energielabel D en lager, en de helft van de woningen met energielabel C), waardoor de energiekosten relatief hoog zijn;
  3. Het wonen in een huis met een lage energetische kwaliteit dat niet zelfstandig kan worden verduurzaamd.

Deze laatste vorm van energiearmoede gaat over de huishoudens die niet in staat zijn om zelfstandig deel te nemen aan de energietransitie. In totaal gaat het om bijna de helft (48 procent!) van de huishoudens in Nederland die hun woning niet kunnen verduurzamen. Uit onderzoek van TNO blijkt dat er twee groepen zijn die in onvoldoende geïsoleerde huizen wonen en daar niets aan kunnen veranderen, namelijk huurders en woningeigenaren.

Huurders

Huurders zijn afhankelijk van de verhuurder als het aan komt op de verduurzaming van de woning. Er zijn genoeg huurders die geld hebben om energiebesparende maatregelen te betalen, maar in hun geval ligt de beslissingsbevoegdheid bij een ander. Hierdoor zijn zij niet in staat om in te spelen op de stijgende energiekosten.

Woningeigenaren

Maar ook eigenaren van energie-onzuinige woningen die wel willen verduurzamen, maar niet over het geld beschikken om te investeren in de verduurzaming van hun huis, maken deel uit van deze groep. Dat betekent dat ook zij niet in staat zijn om maatregelen te treffen als de energieprijzen plotseling hard stijgen.

Een groot deel van deze woningeigenaren en huurders hadden voorheen geen problemen met het betalen van de energierekening. Maar door het stijgen van de energieprijzen, kunnen ook zij – ook al zijn ze niet arm – toch betalingsproblemen krijgen.

Waar komt energiearmoede in Nederland voor?

Energiearmoede heeft daarom niet altijd met inkomensarmoede (onvoldoende inkomen hebben om minimaal van te kunnen leven) te maken. In tegenstelling tot inkomensarmoede is energiearmoede niet specifiek een stedelijk probleem. Daarnaast is energiearmoede ruimtelijk veel geconcentreerder dan inkomensarmoede.

Vooral buiten de grote steden

In Nederland komt energiearmoede vooral voor buiten de Randstad. Huishoudens met een laag inkomen die wonen in een huis van minder energetische kwaliteit en huurders die hun huis niet zelf kunnen verduurzamen wonen overwegend in niet-stedelijke gebieden. Juist in het noorden en (zuid-)oosten van Nederland en voor een deel in Zeeland komt energiearmoede veel meer voor dan in de rest van Nederland.

Wat is energiearmoede definitie Nederland2

In welke gemeenten komt energiearmoede voor?

De meest energiearme gemeenten en wijken liggen in het noordoosten van Nederland. In dit gedeelte van Nederland komt de meest extreme vorm van energiearmoede voor, omdat daar de meeste huishoudens wonen die én een laag inkomen hebben én in een energetisch minder goed huis wonen én hoge energiekosten hebben. De gemeente Pekela is de meest energiearme gemeente van ons land. In de gemeenten Delfzijl, Oldambt en Veendam wonen ook veel mensen met energiearmoede.

Veel energiearmoede in gemeenten in het noordoosten van Nederland

Ook woningeigenaren met een huis van lage energiekwaliteit die onvoldoende geld hebben om te investeren in de verduurzaming van hun woning, wonen voornamelijk in gemeenten in het noordoosten van Nederland. Daarentegen is energiearmoede onder huurders het meest verspreid over gemeenten in Nederland.

Alle cijfers per gemeente en wijk zijn te vinden in het rapport ‘De feiten over energiearmoede in Nederland’.

Energiearmoede aanpakken

Komt energiearmoede in jouw gemeente voor, en wil je dat aanpakken? Onze professionals kunnen worden ingezet om de energiearmoede in de gebouwde omgeving te bestrijden. Neem vrijblijvend contact met ons op om de mogelijkheden te bespreken.

Deel dit artikel: